Coöperatief leren is groepswerk waarbij de kinderen echt samen werken en leren. Met “echt” bedoelen we dat de leerlingen als groepsleden op elkaar betrokken zijn en van elkaar afhankelijk zijn om een goed resultaat te behalen. Samenwerkend leren is een werkvorm die een gelijkwaardige plaats verdient naast individuele en klassikale werkvormen. Het is een werkvorm die in alle groepen gehanteerd kan worden.

Waarom is het belangrijk dat kinderen leren samenwerken?
Samenwerken levert een bijdrage aan de ontwikkeling van een kind. Zowel de verstandelijke als sociale ontwikkeling wordt gestimuleerd, wanneer kinderen samenwerken.

Bij het samenwerken speelt taal een belangrijke rol. Actief gebruik van taal is nodig om kennis en begrip te laten ontstaan. Het denkproces van de helper wordt gestimuleerd, omdat deze zijn gedachtengang duidelijk onder woorden moet brengen en structureren.
Naast de verstandelijke ontwikkeling bevordert samenwerken ook de sociale ontwikkeling. Gedurende de basisschoolperiode breiden de sociale vaardigheden van kinderen zich geleidelijk uit en vindt ook een verfijning plaats. Door de leerlingen op school de gelegenheid te bieden samen te werken, wordt de ontwikkeling van sociale vaardigheden en sociaal inzicht gestimuleerd.

Samenwerken is een vaardigheid die van groot belang is om goed te functioneren in het maatschappelijk leven. Het is een vaardigheid die in het algemeen zeer gewaardeerd wordt. Goed draaiende organisaties, of het nu een gezin, een bedrijf of een toneelvereniging is, zijn afhankelijk van mensen die goed kunnen samenwerken aan een gemeenschappelijk doel.

Dit zijn de vier basisprincipes van het Coöperatief leren:
Gelijkwaardige bijdrage: Kinderen leveren d.m.v. verschillende werkvormen ieder een gelijkwaardige bijdrage aan het groepsresultaat.
Individuele aansprakelijkheid : Alle leden van het groepje waarin de kinderen werken zijn individueel aanspreekbaar over het groepsresultaat, iedereen weet / beheerst het gevraagde.
Positieve wederzijdse afhankelijkheid : Om samen te komen tot een goed groepsresultaat is inzet van iedereen binnen de groep nodig!
Simultane interactie : Alle kinderen zijn gelijktijdig actief bezig met het onderwerp o.a. door het luisteren naar en praten met elkaar.

Hieruit voortvloeiend noemen we ook graag de volgende aspecten:

Betrokkenheid: kinderen in een groepje voelen zich betrokken bij het werk en bij de groepsgenoten.
Verantwoordelijkheid: de kinderen zijn en voelen zich verantwoordelijk voor zowel hun eigen werk als dat van hun groepsgenoten.
Hulpvaardigheid: kinderen zijn bereid en in staat elkaar, wanneer dat nodig is, elkaar te helpen.
Zelfstandigheid: groepjes kinderen werken zelfstandig aan een taak zonder de hulp van een leerkracht in te roepen.

Share Button